9. STILLE NACHT (Gezang 143)

Stille nacht, heilige nacht!
Davids Zoon, lang verwacht,
die miljoenen eens zaligen zal,
wordt geboren in Bethlehems stal;
Hij, der schepselen Heer,
Hij, der schepselen Heer.

Hulploos Kind, heilig Kind,
dat zo trouw zondaars mint,
ook voor mij hebt G'uw rijkdom ontzegd,
Wordt G'op stro en in doeken gelegd.
Leer m'U danken daarvoor,
Leer m'U danken daarvoor.

Stille nacht, heilige nacht!
Vreed' en heil wordt gebracht
aan een wereld verloren in schuld;
Gods belofte wordt heerlijk vervuld.
Amen, Gode zij eer!
Amen, Gode zij eer!