12 HET LIED VAN DE ZEVEN VRAGEN

Oh, Heer, wat moet ik doen, met wat ik heb gekregen,
wat moet ik met mijn leven doen, het valt mij vaak zo tegen.
Oh, Heer, wat moet ik doen, met wat mij is ontnomen,
wat moet ik met mijn tranen doen en mijn verloren dromen?

Oh, Heer, wat moet ik doen, voor wie ik heb verlaten,
wat moet ik met mijn liefde doen bij allen die mij haten?
Oh, Heer, wat moet ik doen met wat ik heb verworven,
wat moet ik met mijn toekomst doen, ik ben zo vaak gestorven.

Oh, Heer, wat moet ik doen met wat ik heb ontvangen,
wat moet ik met mijn vreugde doen en met mijn stil verlangen?
Oh, Heer, wat moet ik doen, met wat ik heb verloren,
wat moet ik met mijn wanhoop doen, ik kan u niet meer horen.

Oh, Heer, wat moet ik doen, wat blijft mij nog gegeven,
dan dat mijn laten en mijn doen, een ander mens doen leven.
Heer, dat moet ik doen, oh, Heer, dat moet ik doen!